Jollyrats Tutorials > Leren haken

Dit is een tutorial om zpagetti te leren haken. Het is in principe hetzelfde als gewoon wol haken alleen gebruik je een groter haaknaald. Ik gebruik een 12mm bamboenaald. 10 mm is ook geschikt.

Om de patronen te kunnen lezen moet je de afkortingen van de steken weten. Dit zijn ze:

  • l = losse

  • hv = halve vaste

  • v = vaste

  • st = stokje

  • dst = dubbel stokje

 

Toer
Je haakt dus steken, meerdere steken in dezelfde lijn noem je een toer.

Ik vind het altijd makkelijk om in de 1e steek van mijn toer een veiligheidsspeld te doen om aan te geven waar ik begonnen ben.

 

Opzetlus
Het 1e wat je doet is een opzetlus maken.

 

Lossen

Dan haak je een ketting lossen. Dit doe je door de draad om de naald te slaan en deze door de lus op je naald te trekken. Zo ga je door tot je genoeg lossen hebt.

 

Halve vasten
Halve vasten worden vaak gebruikt om dingen af te hechten.

Steek de naald door de losse/vaste van je werk. Sla de draad om de naald. Haal nu de naald door beide lussen.

 

Vasten
Steek de naald door de 2e losse/vaste van je ketting. Sla de draad om de naald. Haal nu de naald door de eerste lus. Sla de draad nogmaals om de naald en haal de draad nu door beide lussen. Nu heb je weer 1 lus. Ga zo door tot je een hele toer vasten hebt.

 

Stokjes
Sla de draad om de naald en haal deze door de 4e losse van je ketting of de 1e vaste van je toer als je gekeerd hebt. Nu heb je 3 lussen. Sla weer de naald om de draad en haal deze door de eerste 2 lussen op de naald. Sla weer de naald om de draad en haal deze door de laatste 2 lussen op de naald. Pak vervolgens de eerst volgende losse/vaste en ga zo door.

 

Dubbele stokjes
Sla de draad 2 keer om de naald. Haal de draad door de 5e losse van je ketting of de 1e vaste van je toer als je gekeerd hebt. Nu heb je 4 lussen. Sla de draad om de naald en haal deze door de 1e 2 lussen. Sla weer de draad om de naald hen haal deze door de 1e 2 lussen. Sla nu voor de laatste keer de draad om de naald en haal deze door de 2 laatste lussen.

 

Keren
Als je moet keren moet je altijd een keerlosse maken. Ben je dus aan het einde van je ketting of toer maak dan nog een extra losse, keer je werk om en ga weer verder. Bij stokjes moet je 3 extra lossen maken en bij dubbele stokjes 4.

 

Effecten haken
Om effecten te haken haal je de naald alleen door de voorste of achterste lus van je werk als je haakt. Hier krijg je bijvoorbeeld een ribbeleffect van.

 

Meerderen
Om te meerderen maak je in principe gewoon 2 vaste of meer in de vaste van de vorige toer in plaats van 1.

 

Minderen
Om te minderen steek je de naald door de eerstvolgende vaste, vervolgens steek je hem weer door de vaste daarna. Daarna sla je de draad om je naald en haal je deze door alle 3 de lussen.

Rond haken

Om rond te haken kan je een magische ring haken of een kettingtoer gebruiken. Als je rond haakt haak je 1v in de 1e v en 2 v in de 2e v en dat herhalen.

Trekt het werk in de vorm van een kom dan moet je extra meerderen want dan is het te strak. Krijg je hobbels in je werk dan is het werk te los en moet je extra minderen.


Rond haken met een kettingsteek
Eerst haak je een ketting lossen. Dan steek je de haaknaald door de eerste losse van de ketting. Vervolgens sla je de draad om de naald en haal je deze door beide lussen op de naald (een halve vaste). Haak vervolgens de 1e toer in de ring.

 

Magische ring
De magische ring kun je dicht trekken als hij klaar is waardoor er een minder groot gat in je werk zit. Maak een lus door het korte einde van je bol achter je lange einde langs te doen. Haal je lange einde door de lus. Doe de draad om de naald en haal deze weer door de lus. Haak nu de 1e toer in de ring.

 


Voor het gebruik van de tekst en plaatjes is toestemming gevraagd.

Tekst geschreven door: Feline
Plaatjes: Dummies.com
Plaatjes "magische ring" zijn getekend door Christel Krukkert van Amigurumi's